De Geschiedenis van Voorbehoedsmiddelen

Voorbehoedmiddelen hebben er niet altijd uitgezien zoals we ze vandaag kennen, maar het is ook niet zo dat contraceptiva slechts de laatste vijftig jaar deel uitmaken van ons leven. De oude Grieken en Romeinen kenden zelfs al voorbehoedmiddelen, al waren die meestal gemaakt van planten en kruiden en waren ze lang niet zo effectief als de middelen die we vandaag tot onze beschikking hebben.

Willen we echt teruggaan naar het begin, dan moeten we het over de oude Egyptenaren hebben die al in de zestiende eeuw voor Christus wat afwisten van zwangerschapsplanning. De Ebers Papyrus, één van de de belangrijkste bronnen van wat we vandaag weten over geneeskunde en wetenschap in het oude Egypte, heeft het over heel wat interessante vormen van voorbehoedsmiddelen. Zo gebruikten de Egyptenaren bijvoorbeeld honing en acaciabladeren als voorbehoedsmiddel. Recent onderzoek heeft aangetoond dat acacia inderdaad sperma-dodende stoffen bevat en dat insertie in de vagina als een soort primitief zaaddodend middel kan dienen.

De geschiedenis van voorbehoedsmiddelen
Ook in de Griekse samenleving speelde voorbehoedsmiddelen een belangrijke rol. Zo belangrijk zelfs, dat één van de meest efficiënte voorbehoedsmiddelen -de plant Silphium- is uitgestorven omdat mensen de plant zoveel plukten. Vreemd genoeg wilde de plant nergens anders groeien dan op een klein stukje land vlak bij de kust in Cyrene. Silphium was in de eerste eeuw voor Christus meer waard dan zijn eigen gewicht in zilver, wat de plant -buiten een uiterst geschikt voorbehoedsmiddel – ook tot een belangrijk handelsgewas maakte. Omdat de plant vandaag nergens meer te vinden is, weet men niet hoe het middel exact werkte.

Het vroegste bewijs van condoomgebruik in Europa wordt geleverd door grotschilderingen in Combarelles in Frankrijk, daterend uit de 2e eeuw na Christus. Eén beeld toont een man en vrouw die gemeenschap hebben, waarbij de penis van de man "beschermd " is.

Tijdens de middeleeuwen verdween veel van de klassieke kennis over de geneeskrachtige kruiden en planten die de Grieken en Egyptenaren gebruikten als voorbehoedsmiddelen. Dat kwam grotendeels omdat de Kerk alle soorten voorbehoedsmiddelen gewoon verbood. Vaak ging het zelfs zover dat vrouwen die kennis hadden van voorbehoedsmiddelen of abortus vervolgd werden als heksen.

Pas in 1564 verscheen in Europa de eerste publicatie over de beschermende eigenschappen van het condoom. De publicatie vermeldt proeven uitgevoerd door de Italiaanse anatoom Gabriel Fallopius, naar de effectiviteit van een linnen huls als bescherming tegen syfilis. Fallopius rapporteerde dat van de elfhonderd deelnemende mannen niemand werd geïnfecteerd.

De oorsprong van de naam "Condoom" is onbekend, hoewel er verscheidene verhalen en theorieën de ronde doen. De eerste melding van dit woord is te vinden in "A Scots answer to a British vision", een gedicht dat waarschijnlijk geschreven werd door John Hamilton in 1706. Eén van de theorieën die het meest voorkomt is dat het condoom werd genoemd naar zijn uitvinder Condom of Conton, die aan het hof van Koning Karel II diende. Sommigen zeggen dat hij dokter was, anderen kolonel, en dat Karel II zo verheugd was over de uitvinding dat hij de uitvinder tot ridder sloeg. Dit is een aardig verhaal, maar over het algemeen wordt er weinig geloof aan gehecht. Een andere theorie is dat “condoom” is afgeleid van het latijnse woord "condus", wat "eerbiedig" betekent.

Het condoom, toen nog gemaakt van o.a. schapendarm, werd steeds bekender en populairder. Het is niet bekend of het condoom meer gebruikt werd voor anticonceptie dan als bescherming tegen ziekten, maar uit 18e eeuwse literatuur blijkt dat het condoom al wel gezien werd als anticonceptiemiddel. Er verschenen condoomwinkels, die zelfs adverteerden. De achttiende eeuw bracht ook de misschien wel meest  beruchte condoomgebruiker  uit de geschiedenis voort. Casanova gebruikte namelijk condooms niet alleen om zich te beschermen tegen infecties maar vooral om te voorkomen dat al zijn "vriendinnen" zwanger zouden worden. Hij verwees naar het condoom met verschillende namen: "Redingote Anglaise" (Engelse Regenjas), "Calottes d'assurance" (verzekeringsmuts). Zijn enige bezwaar was : "Ik houd er niet van mij op te sluiten in een stuk dode huid om te bewijzen dat ik wel degelijk levend ben".

In Japan was het condoom bekend als Kawagata, ook Kyotai genoemd en vervaardigd uit dun leer. Daarnaast gebruikten de Japanners ook condooms gemaakt van schildpaddenhuid of hoorn. De volgende mijlpaal in de geschiedenis was in 1843 toen de industriëlen Charles Goodyear en Thomas Hancock het vulkaniseren van rubber uitvonden. Hun uitvinding leidde niet alleen tot de autoband van rubber, maar gaf de condoomindustrie de mogelijkheid tot massa productie van een goedkoper en betrouwbaarder condoom.  Vulkanisatie is een productieproces waarbij ruw rubber wordt behandeld met zwavel en blootgesteld aan hoge temperaturen. Dit maakt het rubber duurzamer voor verschillende doeleinden.

Dankzij de technologische vooruitgang en de opkomst van feminisme en algemene emancipatie van de vrouw, kregen voorbehoedmiddelen nu echt een plaats in de maatschappij. Verschillende feministische activisten speelden een belangrijke rol in de promotie van voorbehoedmiddel. Langzaamaan raakte de wereld gewend aan het idee van geplande zwangerschap.
De Twintigste Eeuw zag de verdere popularisatie en ontwikkeling van moderne voorbehoedsmiddelen met als bekendste resultaat de pil, die vanaf het einde van de jaren zestig verkrijgbaar was in een groot deel van Europa.

Zo zie je maar dat voorbehoedmiddelen een hele weg hebben afgelegd om te worden wat ze nu zijn. Vandaag zijn er gelukkig erg veel betrouwbare voorbehoedmiddelen waar je uit kan kiezen, ook al biedt geen enkele methode honderd procent veiligheid. Kun je je indenken dat mensen ooit op kruidenbrouwsels en geneeskrachtige planten moesten vertrouwen voor het vermijden van zwangerschap?

© and Database Right: Futura Medical plc 2014. All rights reserved
Winkelmandje

Main sections